Indonesië

Overwinteren op Bali


Portugal Algarve

Overwinteren aan de Algarve in Portugal.


Spanje Costa Blanca

Appartement in Benidorm incl.vlucht. 36 dgn.v.a. €780

 


Spanje Costa Blanca

Nieuwbouwwoning nabij Altea en Albir. Wifi,TV,Zeezicht €600,00 p.mnd.


 

 

Nederlandse regels met betrekking tot langdurig verblijf in het buitenland

 

Inleiding

Langdurig verblijf in het buitenland heeft een noodzakelijke keerzijde: u bent langdurig weg uit Nederland. De vraag rijst dan, hoe lang u uit Nederland weg kunt zijn zonder dat daarmee uw positie als ingezetene in Nederland in gevaar te brengen. 

Het antwoord op deze vraag luidt: zolang u 'feitelijk in Nederland woont' heeft langdurig verblijf in het buitenland geen gevolgen voor uw positie in Nederland.

Maar, zo zult u zeggen, wanneer woon ik feitelijk in Nederland? U vindt het antwoord in artikel 10 van het Burgerlijk Wetboek (BW). Kort gezegd: u woont waar u verblijft. Voor de uitleg van bestendig verblijf geldt nog steeds een uitspraak van de Hoge Raad van 19 januari 1880, (W 4475, voor wie het na wil zoeken): (uw woonstede is) 'de plaats, waar iemand werkelijk woont met zijn gezin, waar hij de zetel van zijn fortuin heeft, zijn zaken behartigt, zijn goederen en eigendommen beheert, zodat men er niet vandaan gaat dan met een bepaald doel en voor een bepaalde tijd en tevens met het plan om als dat doel bereikt is terug te keren'.

Het hangt dus helemaal af van de beoordeling van de feitelijke omstandigheden. Zo lang u in Nederland nog een huis hebt of een chalet op een camping of woont bij een van uw kinderen, een bankrekening en met enige regelmaat in Nederland bent, zult u al snel uw woonplaats in Nederland hebben, ook als u regelmatig langere tijd in (bijvoorbeeld) Spanje verblijft.

Wet basisregistratie personen (BPR)

Maar hiermee is het verhaal niet af. Behalve het Burgerlijk Wetboek hebben we in Nederland ook nog een Wet basisregistratie personen (BRP). Deze wet, inwerking getreden op 6 januari 2014, is de opvolger van de bekende Wet Gemeentelijke Basisadminstratie (GBA). De voor overwinteraars relevante regelingen (woonadres, briefadres, wanneer moet ik aangifte doen van vertrek) zijn inhoudelijk niet gewijzigd.

De BRP legt u een aantal verplichtingen op met betrekking tot het doen van aangifte van (o.a.) uw (woon)adres in Nederland. Deze verplichtingen gelden voor iedereen, ongeacht nationaliteit, die in Nederland verblijft voor een periode van meer dan “twee-derde van een half jaar” (vier maanden dus).

De relevante artikelen zijn:

§ 5. De verplichtingen van de burger

Artikel 2.38

Na aangifte bent u ingeschrevene in de betreffende gemeente en ingezetene in Nederland. Deze situatie zal voor de meeste overwinteraars van geboorte af aan (uw vader of moeder heeft ooit aangifte gedaan van uw geboorte) van toepassing zijn.

Artikel 2.43

De gemeente tekent dan op uw persoonskaart aan, dat u niet langer ingezetene bent. U houdt (uiteraard) uw Nederlandse nationaliteit.

Woon- of briefadres

Om ingezetene te kunnen zijn in Nederland moet u een adres opgeven bij een gemeente. Wat is een adres?

Artikele 1.1 BRP:

q. het adres: het woonadres, dan wel bij het ontbreken hiervan of bij toepassing van artikel 2.40 of 2.41, het briefadres;

De wet geeft dus twee mogelijkheden:

  1. U geeft uw woonadres op. De definitie daarvan luidt:

    Artikel 1.1 BRP

    • o. het woonadres:
      • 1° het adres waar betrokkene woont, waaronder begrepen het adres van een woning die zich in een voertuig of vaartuig bevindt, indien het voertuig of vaartuig een vaste stand- of ligplaats heeft, of, indien betrokkene op meer dan één adres woont, het adres waar hij naar redelijke verwachting gedurende een half jaar de meeste malen zal overnachten;
      • 2° het adres waar, bij het ontbreken van een adres als bedoeld onder 1, betrokkene naar redelijke verwachting gedurende drie maanden ten minste twee derde van de tijd zal overnachten;

       

  2. Als u geen woonadres kunt opgeven, geeft u een briefadres op.

    Artikel 1.1 van de wet BRP legt het netjes uit:

    • p. het briefadres: het adres waar voor betrokkene bestemde geschriften in ontvangst worden genomen;
    • ..............
    • r. de briefadresgever: de natuurlijke persoon of rechtspersoon, bedoeld in artikel 2.42, die een briefadres ter beschikking stelt;
Verwilderde tuin
Wie zorgt er voor de tuin als in het voorjaar alles weer begint te groeien?

 

 

In de meeste gevallen hebben overwinteraars een woonadres in Nederland.

Dat kan het eigen (huur)huis zijn of het adres van een van de kinderen. Deze laatste variant komt met enige regelmaat voor. De reden is eenvoudig. Wie de smaak van overwinteren te pakken heeft wil steeds weer en (soms) steeds langer weg. Wie een belangrijk deel van het jaar in Spanje of Portugal is, zal zijn eigen (huur)huis in Nederland al snel als een kostenpost en een zorg gaan ervaren. Immers, al zullen de kosten zeker ’s winters veel lager zijn dan wanneer u in het huis verblijft, de resterende kosten zijn toch niet onaanzienlijk. Verder moet er gezorgd worden voor het huis (de tuin verwilderd in het voorjaar, periodiek moeten de kozijnen worden geschilderd), er moet op gepast worden en de verzekeraar heeft problemen met een leegstaand huis (zie Verzekeren).

Een aantal mensen kiest daarom voor het opzeggen/verkopen van het eigen huis en trekt bij een van de kinderen in. Het adres van een van de kinderen wordt dan als woonadres opgegeven bij de betreffende gemeente.

Ongewenste gevolgen!

In een aantal gevallen kan deze keuze ongewenste gevolgen hebben. Dat is met name het geval, als uw kind alleen woont op het betreffende adres en/of een uitkering ontvangt. Doordat u er ook uw woonadres vestigt, wordt uw kind niet meer aangemerkt als alleenstaand in fiscale zin, voor de huursubsidie, voor de milieuheffing en voor een aantal uitkeringen, waaronder de Bijstandswet. De financiële gevolgen kunnen dus heel groot zijn. Is uw kind alleenstaand, en/of heeft hij of zij een huurhuis met huursubsidie en/of een uitkering, dan moet u drie keer nadenken voordat u tot inwoning besluit.

Briefadres

Het alternatief voor een woonadres is het briefadres.

De enige voorwaarde voor het mogen opgeven van een briefadres is, dat een woonadres ontbreekt, niet meer en niet minder. Er is een uitzondering gemaakt voor mensen in een instelling, zie artikel 2.40 en 2.41. Ofschoon die feitelijk een woonadres hebben (de instelling), mogen mensen die in een instelling verblijven, toch gebruik maken van een briefadres.

De post (in ieder geval alle formele post, u moet denken aan bekeuringen, belastingformulieren, dagvaardingen e.d.) komt dan op het briefadres aan. Door het vestigen van een briefadres geeft u formeel te kennen, dat u op dat adres niet woont (dat wil zeggen overnacht gedurende meer dan 2/3 van drie maanden, zie art. 1 BRP (definitie woonadres). Verder moet u uiteraard blijven voldoen aan de voorwaarde voor het zijn van ingezetene in Nederland (u mag niet meer dan 2/3 van een jaar in het buitenland zijn, zie art 2.43 BRP). Als en zo lang u aan deze voorwaarden voldoet, kunt u een briefadres opgeven. U moet de redenen opgeven, waarom u een briefadres en geen woonadres opgeeft. Die reden voor het opgeven van een briefadres kan (dus) niet zijn: “ïk/wij verblijven langdurig in het buitenland”. U krijgt dan onmiddellijk als reactie, dat u zich moet uitschrijven uit Nederland en u moet inschrijven in het land van vestiging. Wel kunt u opgeven, dat u in de komende periode veel reist en (dus) regelmatig van verblijfplaats verandert. Houd er rekening mee, dat er zich omstandigheden kunnen voordoen, waarbij u om bewijs van die stelling wordt gevraagd. De gemeente is bevoegd om -als aangetoond kan worden dat uw registratie niet in overeenstemming is met de werkelijkheid- uw inschrijving ambtshalve te wijzigen. UIteraard moet de gemeente dan wel redelijke argumenten hebben, waaruit blijkt dat u niet (langer) voldoet aan de voorwaarden om ingezetene te zijn in Nederland. Ook al moet in principe de gemeente het bewijs leveren van de stelling dat u niet langer voldoet aan de voorwaarden, dan nog is het erg prettig als u middels bijvoorbeeld nota’s van campings of andere accommodatie kunt aantonen, waar u werkelijk verbleef in de voorliggende periode.

Degene, bij wie u uw briefadres vestigt, neemt de verplichting op zich er voor te zorgen dat alle (formele) post u ook feitelijk bereikt, niet meer en niet minder. Het is dus niet zo dat de verlener van het briefadres aansprakelijk wordt voor bijvoorbeeld de betaling van uw bekeuringen en belastingaanslagen.

De reacties van gemeentes op het vestigen van een briefadres zijn heel verschillend. Sommige gemeentes vertonen zeer afwijzend gedrag en zullen proberen u van alle kanten te overtuigen van het feit, dat u dat niet moet doen. Andere gemeentes schrijven u zonder meer in. Over het algemeen hoeft u niet te rekenen op heel veel enthousiasme van gemeentewege. De gemeente loopt immers belastinginkomsten mis. En sommige gemeenteambtenaren zien achter elk briefadres meteen fraude....

Laat u zich niet afschrikken. Als en zo lang u aan de voorwaarden voldoet, hebt u recht op een dergelijke inschrijving. Het is dus niet zo, dat er een beperking is in de tijd van bijvoorbeeld een half jaar, zoals je vaker leest. Wel mag de gemeente regelmatig controleren, en daaraan koppelen sommige gemeentes een periode van een half jaar. U kunt jaren op een briefadres ingeschreven staan, als en zo lang u voldoet aan de voorwaarden: Niet langer dan 8 maanden per 12 maanden in het buitenland en in Nederland niet verblijven in iets, dat als een woonadres ingeschreven kan worden.

Er is in Nederland -net als elders- geen actief 'opsporingsbeleid, met betrekking tot de vraag, of u nu wel of niet feitelijk aanwezig bent op het adres, waar u staat ingeschreven. Wie meer dan acht maanden per jaar wegblijft, hoeft dus niet meteen een probleem te verwachten, al heeft -zoals gezegd- de gemeente wel de bevoegdheid uw registratie te wijzigen, als aangetoond kan worden, dat uw registratie niet in overeenstemming is met de werkelijkheid.